Ook voor honden en paarden is er vooruitgang in New York

Op 1 mei raakte een paard in paniek en holde met koets en al tegen het verkeer in...

East Houston Street in Manhattan aan de voet van een afrit van de drukke FDR-expressweg is een levensgevaarlijke plaats voor voetgangers en fietsers, laat staan voor een loslopende jonge hond. Het is daar dat ik vanop het voetpad kijk hoe drie mensen van de dierenbescherming proberen een Rottweiler-pup van onder een geparkeerde auto te peuteren. “Come puppy”, zegt een dierenbeschermster zoetjes maar het beest verroert niet. "Hij zit daar al uren", zegt de jongeman die de pup onder zijn wagen vond. "Ik heb hem proberen te lokken met eten en water maar hij is te bang." Het dier ziet er goed gevoed en gezond uit. Is hij in de steek gelaten door zijn eigenaar? Is hij ontsnapt? Gaan aanbellen in de buurt om te vragen of iemand zijn hond mist, is onbegonnen werk. We staan aan de rand van een wijk met tientallen flatgebouwen. Met lange stokken duwen de dierenbeschermers de pup voorzichtig vanonder de auto. Hij laat zich gewillig in een kooi stoppen. "Good dog", prijst een dierenbeschermster hem terwijl ze hem met een collega in hun bestelwagen laadt. "Bedankt", zegt de jongen die de hond vond, "Ik hoop dat hij snel een thuis vindt." Zijn kansen zijn alleszins beter dan pakweg 20 jaar geleden, toen er nog veel meer honden en poezen gedumpt werden en de dierenbescherming, door gebrek aan plaats en geld, er veel meer moest laten ombrengen. Maar “nu zijn het de beste tijden ooit om hond te zijn in New York", beweerde burgemeester Bloomberg onlangs terwijl hij op de trappen van het stadhuis poseerde met vier mooie, adopteerbare honden. "In 2009 werden in de stadsasielen 41.712 dieren binnengebracht”, legde hij uit, “Daarvan moest slechts 33 procent geeuthaniseerd worden tegenover 69 procent in 2003. In diezelfde periode steeg het aantal adopties van 26 tot 66 procent." Het leek wel de week van het dier in New York. Twee dagen later werd er een wet goedgekeurd die het lot moet verbeteren van de paarden die de koetsen trekken waarin toeristen ritjes maken in Central Park. Voortaan moeten de dieren in stallen ondergebracht worden waarin ze zich kunnen keren en gaan liggen. Ze moeten 5 weken per jaar rust krijgen op een plaats waar ze buiten kunnen. En paarden jonger dan 5 of ouder dan 26 jaar mogen geen koetsen meer trekken. In ruil hiervoor mogen de koetseigenaars hun tarieven fors optrekken. Een rit van 20 minuten kost voortaan 50 dollar. De voorzitter van de gemeenteraad prees de wet maar werd uitgejouwd door mensen die vinden dat de koetsen verboden moeten worden omdat paarden in de stad niet thuis horen.

Maar terug naar de kleine Rottweiler. Hij is alvast aan één gruwelijk lot ontsnapt. Er zijn schurken die loslopende pups zoals hij van de straat rapen en verkopen als "trainingsmateriaal" voor vechthonden. Hondengevechten zijn sinds 2007 in heel het land verboden maar daarmee is de praktijk nog niet uitgeroeid. Op 21 april waren ze weer in het nieuws. Die dag had het Opperste Gerechtshof de wet op grond waarvan een man veroordeeld was wegens het verkopen van video's van hondengevechten ongrondwettelijk verklaard. Die wet die alle afbeeldingen van dierenmishandeling verbood was veel te ruim geformuleerd, vonden de rechters, en was daarom een schending van het recht op vrije meningsuiting. Want volgens de letter van de wet zouden ook beelden van legale activiteiten zoals jagen illegaal zijn. De rechters lieten wel uitschijnen dat een wet die enkel afbeeldingen van hondengevechten en crush-video's -waarin vrouwen met hun hoge hakken of blote voeten kleine dieren vertrappelen, wat sommige mannen tot sexuele extase drijft- wel door de beugel zou kunnen. Een wetsvoorstel in die zin is al in de maak. Maar het is niet zo simpel om de grens te trekken tussen de legale jachtsport en mishandeling van dieren. Zo is het in Oklahoma nog steeds legaal en populair om op coyotes te jagen met windhonden. Die honden zijn getraind om coyotes aan te vallen en te doden. Aangezien coyotes verwant zijn aan honden is deze manier van jagen eigenlijk een vorm van hondengevechten, vindt de Humane Society, een organisatie van dierenvrienden die eist dat de praktijk verboden wordt. Maar de jagers stellen dat coyotes gevaarlijke dieren zijn die het vee aanvallen en zich overal zouden verspreiden als ze de kans zouden krijgen. Wat dat laatste betreft hebben ze geen ongelijk. De laatste jaren zijn er al verschillende coyotes gesignaleerd in Central Park. Onlangs stond er zelfs een op de hoek van de 24ste straat en de 12de Avenue het uitgangsleven te observeren.

29 april 2010