In gemeenschap leven zit weer in de lift. De nieuwe sociale media bevorderen het, ze zetten ons aan tot samenwerken en delen.

Dat is althans de mening van sociologe Rachel Bosman. "Overal rond ons zien we een vernieuwd geloof in het belang van de groep, zowel in de fysieke als de virtuele wereld", schrijft ze in haar boek "What's mine is yours: the rise of collaborative consumption". Zelf vind ik dat ik genoeg in gemeenschap heb geleefd. Dat begon al toen ik als kleuter op kostschool moest omdat mijn moeder te ziek was om voor haar kinderen te zorgen. Geen gezaag van mama dat lust ik niet. Het was eten wat de pot van zuster Cornelia schafte. We sliepen op een slaapzaal. Huiswerk maken, spelen, nooit waren we alleen. Ik droomde van een eigen kamer want ook thuis had ik die niet. Op mijn achttiende ging ik alleen wonen. Eindelijk had ik een eigen kamer maar dat ‘alleen’ was relatief. Tot ik naar Amerika trok woonde ik in gemeenschapshuizen of, zoals sommige buren op insinuerende toon zegden, "communes". Ik vond dat ik dat moest kunnen maar eigenlijk lag het me niet. In New York heb ik nooit in groep gewoond. Vriend Tom, een hond en logees als het past: voor mij is dat genoeg gezelschap, van meer word ik kribbig. Tom en ik hebben elk onze eigen kamer. Ik blijf uit zijn privé-domein en hij uit het mijne.

Al ben ik blij dat ik niet meer in groep leef, ik bewonder mensen die dit wel kunnen. De ene groep is natuurlijk de andere niet. In New York zijn er veel variaties omdat wonen er zo duur is. Zo zijn er in mijn buurt huizen waar drie generaties van dezelfde familie samenwonen, groepswoningen voor ex-gevangenen, pleegjongeren en psychiatrische patienten en een flatgebouw dat dienst doet als opvang voor daklozen. Er zijn ook overbevolkte huizen waar in elke kamer een gezin woont en de keuken en badkamer gemeenschappelijk zijn en flats die gedeeld worden door groepjes studenten of vrienden. Ook is er een commune die Ganas heet en 75 leden telt. Die wonen in hun eigen huizen, in dezelfde straat. Ze runnen drie kringloopwinkels, kweken hun eigen groenten, koken in een grote gemeenschappelijke keuken en delen naar eigen zeggen alles. Ganas werd opgericht in 1979. De groep is een nakomertje van de hippie-beweging maar past vandaag perfect in dat "vernieuwd geloof in het belang van de groep". Ook trends kennen een kringloop.

Gisteren fietste ik door Bushwick, de Brooklynse wijk die het epicentrum heet te zijn van het nieuwe ‘communaal leven’ in New York. Toen de Hollanders hier nog de plak zwaaiden, heette Bushwick Boswyck. De naam suggereert hoe het er toen uitzag. Je vindt er nog straten met namen als ‘Ter Eyck’ maar bomen- niet zoveel meer. Met zijn oude industriele gebouwen oogt de buurt wat grimmig. Maar er waait een nieuwe wind. Sinds enkele jaren is de buurt een trekpleister voor jong volk op zoek naar een alternatief voor steeds duurdere populaire wijken als Williamsburg en Dumbo. Ik hou van Bushwick. Je hebt er nog een gevoel van ruimte. En nergens in New York zie je zoveel fietswinkels. Een ervan, ‘Band of Bicycles', is een prettig rommelige zaak, gerund door een collectief. Bushwick wemelt van collectieve woon- en werk-arrangementen. Vaak zijn het mensen die met kunst, mode, muziek, film en theater bezig zijn die iets samen in gang zetten. Thames Street 35 en 15 zijn de thuishavens van anarchistisch geinspireerde woongemeenschappen. Ze zijn berucht voor hun luidruchtige fuiven. Een meisje dat op nummer 35 woont vertelde me dat er in dat huis toevallig ook net 35 mensen wonen. "Iedereen is er met iets creatief bezig en we delen alles", zei ze. Zelf was ze muzikante. Ze vertelde me nog dat de bewoners ‘dumpster-divers’ zijn, wat wil zeggen dat ze hun eten halen uit de afvalcontainers van winkels en restaurants. Ze nemen alleen wat in perfecte staat is. Is de dagelijkse oogst niet groot genoeg dan eten ze om het hoekje bij Roberta's, het informele hoofdkwartier van de gemeenschapsbeweging. Achter de groezelige gevel schuilt een befaamde pizzeria, een lekker chaotisch uitziende groentetuin met serres, een radiostation en diverse kamertjes en tenten die buurtbewoners als kantoren gebruiken. Voor wie zich wil onderdompelen in de Bushwick-sfeer: op enkele minuten van Roberta's lig het New York Loft Hostel waar je voor 40 dollar een proper bed krijgt. In een slaapzaal weliswaar, met in de verte de fuivende communards van Thames Street.

26 oktober 2010