HONDELEVENS

Het vriest min elf graden in New York. In de doolhof van voetgangerstunnels en treinperrons onder Madison Square Garden zitten en staan daklozen, met hun bezittingen in plastiek zakken. Een van hen, een zwarte man met grijs haar, staat in een hoek, de handen geboeid op zijn rug. “Alles wat ik vraag is dat u me wat respect toont”, hoor ik hem klaaglijk zeggen tegen twee agenten. Geen idee wat hij mispeuterd heeft.Tussen zijn spullen staat een nog nieuw ogende boodschappentas bedrukt met een foto van schattige hondepups en het logo van Pedigree, een van de grootste Amerikaanse merken van hondevoer. Pedigree is de sponsor is van de hondeshow die vanmorgen in de reuze-sportarena boven ons is begonnen. De Westminster Kennel Club Dog Show is een twee dagen durende, voor de kenners bloedserieuze topgebeurtenis die vele uren televisie-tijd waard op USA Network en CNBC. De eerste show ging in 1877 van start in New York. Sindsdien werd hij ononderbroken in de stad gehouden. Dit jaar is het de 131ste keer. De ijzige wind bijt in mijn wangen als ik bovengronds kom. Ik steek de straat over naar het Pennsylvania hotel. Het eerste wat opvalt in de ouderwetse, licht versleten lobby zijn de vele honden. In de meeste hotels in Amerika zijn honden niet toegelaten maar in het Pennsylvania hotel doen ze daar niet moeilijk over. Er paraderen 2.628 honden in de Westminster-show. Dat zijn veel baasjes van over heel Amerika die moeten slapen en eten. Niet alleen mogen de honden mee op de kamer, ze mogen in het hotel ook alles doen wat honden plegen te doen. Niet in de kamers natuurlijk maar in de kelder. Daar ruikt het onmiskenbaar naar hond. De helft van de grote zaal is volledig omheind en bedekt met een dikke laag zaagmeel. Hier en daar staat een namaak-brandkraan waartegen verschillende honden flink aan het plassen zijn. Twee mannen met schopjes staan klaar om drollen op te ruimen. “Mag hij niet in het park wandelen?” vraag ik aan een meisje die net het hekkentje openduwt om haar grote Saint-Bernard in de honderen te laten. “We komen van een klein dorp in New Hampshire. Hij is de stad niet gewoon en er is hier toch geen gras”, legt ze uit. Geen gras in onze parken? Er zijn niet alleen graspleinen maar ook 60 grote omheinde hondespeeltuinen. Maar goed, hier maakt hij zich niet vuil en dat is hier natuurlijk zeer belangrijk. Ik streel het prijsbeest even over zijn massieve kop en wens haar veel succes toe. Verder in de zaal passeer ik een hondekapsalon waar tien honden onder handen worden genomen met scharen, borstels, drogers en kammen. Aan een langharige zwarte terrier alleen al zijn drie vrouwen aan het werk. in de ‘Spa’ ondergaan vier honden in vier hemelsblauwe badkuipen geduldig een wasbeurt. In de massage-hoek wat verder ligt een Golden Retriever op een mat tegen zijn dikke eigenares aangevleid terwijl een masseuse zijn schouders kneedt. Hij kreunt zachtjes. In de rest van de zaal en in aanpalende zaaltjes en gangen zijn er tientallen standjes waar hondeprullen worden verkocht. Dat gaat van schotse honderokjes met rolkraagtruitjes tot hondenfitness-machines en Pish Pads, wasbare plasmatten voor binnenshuis. Ook de kunstgalerijen zijn van de partij. Bij een ervan hangt een hondeportret van de negentiende eeuwse Kortrijkse schilder Joos Vincent De Vos. “Hij hield apen, vossen en zelfs een kameel in zijn atelier” staat er op een kaartje naast het werk. Het schilderij kost 8.200 dollar. Een enkel tafeltje in de zaal is gewijd aan het lot van de vier miljoen Amerikaanse honden die elk jaar in dierenasielen belanden. 2008 ziet er extra-somber uit voor veel Amerikaanse huisdieren. De hypotheekcrisis grijpt om zich heen. Meer en meer mensen worden uit hun woning gezet. Vaak weten ze geen weg met hun huisdieren zodat die in asielen belanden. Maar wegens geld- en plaatsgebrek kunnen de meeste asielen niet anders dan hun niet-adopteerbare ‘surplus’-dieren afmaken.

Dan hebben de 47 pitbulls van Michael Vick meer geluk. Hun baas, een ster op het football-veld, zit een celstraf van 23 maanden uit wegens het organiseren van illegale hondengevechten. Daar verdiende hij grof geld mee, al was hij zoal de best-betaalde speler van de NFL. In zijn tuin werden twee massagraven voor honden gevonden. Honden die geen goede vechters waren, hielp hij zelf van kant maken. De dieren werden geelectrocuteerd, opgehangen, verdronken, neergeknald of tegen de grond gesmakt tot ze stierven. Als je ’t mij vraagt, zit Vick op zijn plaats achter tralies. Hij moest ook 928.000 dollar te betalen voor de opvang, heropvoeding en medische verzorging van de 47 honden die zijn terreurregime overleefd hadden. Die waren er vaak belabberd aan toe. Zo liet Vick bij een teefje dat werd gebruikt om non-stop te kweken alle tanden uittrekken om te voorkomen dat ze de mannetjes waarmee ze moest paren zou bijten. De meeste honden hadden littekens. Maar hun psychische littekens waren dieper. Toch moest er slechts een van de 47 pitbulls worden afgemaakt omdat hij agressief tegen mensen was. Voor de meeste andere hopen hun verzorgers goede nieuwe eigenaars te vinden. Honden zijn immens vergevensgezind tegen mensen. “Deze honden werden geslagen, gefolterd en uitgehongerd”, zegt John Garcia die hen helpt verzorgen, “ze hebben alle reden om ons niet te vertrouwen. Maar in hun binnenste houden ze van ons en willen ze nog altijd bij ons zijn.”

16 februari 2008