Ottawa

Groeten uit de tweede koudste hoofdstad ter wereld.

"Papa, neem ons nooit meer mee naar Ottawa". Dat is wat de kinderen van mijn vriend Neil zeiden na een uitstap naar de Canadese hoofdstad waar ze zich stierlijk verveeld hadden. Het is waar dat Ottawa een kleine stad is vergeleken met Toronto, waar Neils gezin woont. Haar vergelijken met New York zou helemaal onfair zijn. Toch wordt ik hier aan mijn stad herinnerd: vanuit de kamer waar ik dit schrijf, kijk ik uit op een koffiehuis dat 'Manhattan Coffee Co.' heet. Koffie is hier enorm populair. Nog meer dan in New York zie je hier mensen ‘s ochtends met een beker dampende koffie in de hand door de drukke straten laveren. Nergens zag ik zo’n dichte concentratie van koffiehuizen. Ik logeer in Centretown, niet ver van het parlement dat zo uit Londen lijkt weggelopen. Alle kantoren, winkels en restaurants in de buurt waren dit weekend dicht maar de koffiehuizen waren open. In 'Second Cup' nestel ik me in een zetel bij de gas-haard. Leonard Cohen zingt zacht op de achtergrond. Op de schouw tikt een ouderwets klokje. De volgende avond zit ik op een harde stoel in een 'Tim Horton's', Canada's grootste en goedkoopste koffiehuisketen. De novemberwind blaast een koude regen door de straten. De zaak is dag en nacht open. "Hebt u een kwartje?" vraagt een man als ik buitenkom. Hij is al de twintigste dit weekend. Aan bedelaars hier geen gebrek. De meesten zijn blanke mannen die er uitzien alsof ze al een hard leven achter de rug hebben. Zaterdagnacht hoorde ik loeiende sirenes van de brandweer. De volgende ochtend vernam ik dat iemand brand had gesticht door een molotov-cocktail te gooien een opvangtehuis voor dakloze vrouwen niet ver van het hotel; precies een week nadat een ander opvangtehuis voor daklozen in de fik werd gezet.

Het uitkijkpunt op de Alexandra- brug biedt een van de spectaculairste zichten van het land, belooft mijn gidsboek. Dus wandel ik tussen de koffiezeulende Ottawanen naar de brug die de stad verbindt met Quebec. Op het uitkijkpunt zitten zes ladderzatte jongens. Aan hun kleren en rugzakken te zien zijn ze ook dakloos. Een zwarte, twee blanken en drie indianen. Ik weet niet goed waarom maar ik vind dronken indianen iets in-triestig hebben. Een van hen strompelt naar mij. Hij valt net niet. Met de tragikomische zwaai waar zatte mensen een patent op hebben lalt hij: "It's so so beautiful here... don't you think?"

Absoluut, zeg ik. "Have a nice day", zegt hij nog voor hij weg waggelt. Het moet hier nog veel mooier geweest zijn toen dit land nog van jullie indianen was, denk ik. Toen de machtige Chaudière- watervallen vlakbij nog niet door dammen getemd waren. Toen de moerassen nog niet gedempt en de bossen nog niet gerooid waren. Toen het in de drie rivieren die onder ons samenkomen nog wemelde van vis. Al is het water weer zuiverder sinds de vervuilende fabrieken die erin loosden zijn gesloten. Fabelachtige fortuinen zijn er verdiend in de stad die onder ons ligt. Vreselijk gevochten is er ook. Ieren, Franse Canadezen, Schotten,joden, iedereen tegen iedereen, vaak allemaal dronken. De resterende indianen bengelden onderaan de sociale ladder. De stad stond in het midden van de 19de eeuw bekend als de gevaarlijkste van Noord-Amerika. Vreemd genoeg koos Queen Victoria, zonder er ooit een voet te hebben gezet, haar in 1857 als hoofdstad van Canada.

Niet ver van het parlement stellen richtingswijzers me voor de keuze: " 2 km War" of "2 km Civilization". Dat blijkt over musea te gaan die ik allebei wil bezoeken. Maar er is een staking aan de gang en ik sterf liever dan door een stakingspost te lopen. Geen nood, Ottawa heeft musea bij de vleet. In de National Gallery sta ik naar Warhols zoveelste Mao te kijken als ik Antwerps hoor. In New York hoor ik zo vaak Vlaams op straat dat ik er niet meer van opkijk maar dit keer ben ik nieuwsgierig. Meneer en mevrouw Roovers blijken al 40 jaar in Ottawa te wonen. Ze hebben het er naar hun zin. Ik mag er niet te streng over oordelen, vinden ze. "Vooral niet vergelijken met New York. Het is hier veel veiliger."

19 november 2009